Presenteren
Overtuigen in een debat: kies één of drie argumenten
Door Jerre Maas

Met Rudy van Beurden trainde ik jarenlang studenten van mbo, hbo en universiteit in debatteren, onder meer voor het Brabants Ondernemerschapsdebat. Wat ik daar leerde, gebruik ik nog steeds als moderator.
Debat is geen discussie
In een discussie probeer je de ander te overtuigen. In een debat overtuig je een derde partij: een jury of een zaal. Dat verandert alles. Je hoeft je tegenstander niet om te praten, je moet de mensen die meekijken meenemen. En je speelt op de inhoud, nooit op de persoon.
Eén of drie argumenten
Mensen onthouden niet veel. Kies één sterk argument of hooguit drie. Zet je sterkste argument aan het begin of aan het eind, daar blijft het het best hangen.
Bouw een argument op
Een handig ezelsbruggetje: stel, leg uit, illustreer. Noem je punt, leg uit waarom het klopt en maak het concreet met een voorbeeld dat mensen herkennen. Een persoonlijk verhaal of een korte anekdote doet vaak meer dan een rij cijfers.
Luister, vat samen, vraag door
Goed debatteren begint bij luisteren. Vat het punt van de ander eerlijk samen voordat je reageert. Dat laat zien dat je het snapt en voorkomt dat je tegen een stropop vecht.
De judotactiek
Geef je tegenstander gelijk waar hij gelijk heeft, en gebruik dat punt daarna voor je eigen standpunt. Dat komt sterker over dan alles ontkennen. Agressie werkt bij de meeste jury's averechts.
Vermijd drogredenen
Op de persoon spelen, een beroep op medelijden, "het staat op internet dus het klopt": een oplettende zaal prikt er doorheen.
Oefen het
Debatteren leer je door het te doen. Begin klein, met een stelling en twee minuten spreektijd, en vraag na afloop feedback aan iemand die alleen op je woorden let en iemand die alleen op je lichaamstaal let.
Gebaseerd op het e-boek "Debatvaardigheden voor studenten" van Jerre Maas en Rudy van Beurden (Presensatie, 2013). Herschreven in 2026.
Wil je dit toepassen op jouw event? Vertel me wat je van plan bent, dan denk ik mee.
